Le Champion
NederlandsEnglish

Historie

Het kwam op als een ‘wilde’ gedachte, maar het was een gouden idee: het organiseren van een hardloopwedstrijd door de IJtunnel tussen de ‘Dammen’ van Zaandam en Amsterdam. Bedenker: Cees Lansbergen van Le Champion in 1981.

Dam tot Dam race
Het idee kwam niet helemaal uit de lucht vallen, want op 27 augustus 1959 werd  in het kader van een tunnellobby al de eerste Dam tot Dam race gehouden. Het Noordzeekanaal was na de Tweede Wereldoorlog een fors obstakel vanuit Amsterdam naar het noorden, en vice versa. De Zaanstreek, met name Zaandam, merkte dat dan ook aan den lijve. Voor de overtocht was de Hempont de belangrijkste verbinding. In 1959 werden dagelijks 5.800 auto’s vervoerd, met wachttijden die opliepen tot drie kwartier. Niet verwonderlijk dus dat actie is gevoerd voor een betere, snellere verbinding. Dat zou een tunnel onder het Noordzeekanaal door moeten worden. 

Zodoende werd de Dam tot Dam race georganiseerd: van de Zaanse Dam naar de Amsterdamse Dam. Het maakte niet uit hoe men zich tussen start- en eindpunt verplaatste, als het maar snel was. Het was vooral een ludieke actie. In de race en de voorbereiding ervan konden toeschouwers genieten van vreemde verschijningen als kozakken en kamelen. De Zaandamse burgemeester Francken liep in een duikerspak over de bodem van het Noordzeekanaal van Amsterdam naar Zaandam. Verder deed er een keur aan bekende Nederlanders mee, zoals dichter Simon Vinkenoog en tekenaar Opland. Winnaar werd de 32-jarige Wout Bruynzeel met een tijd van 10.25 min. Hij maakte gebruikt van een speedboot. De tunnel kwam er. Op 21 juni 1966 opende toenmalig koningin Juliana de Coentunnel. Inmiddels heeft deze verbinding een te beperkte capaciteit en is in 2013 de Tweede Coentunnel geopend.

Eerste editie
Cees Lansbergen was zo onder de indruk van de race dat hij besloot er een evenement van te maken. Het kostte enige jaren om alle instanties op één lijn te krijgen, maar in de zomer van 1985 kwam tenslotte ook het groene licht van de gemeente Amsterdam. Op zondag 3 november van dat jaar meldden 4.300 liefhebbers zich aan de start van het evenement en dat was meer dan de organisatoren ooit hadden verwacht. Nog groter was de belangstelling langs het parcours. Tienduizenden mensen stonden ‘langs de lijn’ om familie, vrienden en bekenden aan te moedigen bij het volbrengen van de 10 Engelse Mijl tussen de Dam van Amsterdam en de Dam van Zaandam.

Zoals gezegd probeerde Le Champion al in 1981 de loop op het programma te zetten. Een gesprek met B. en W. van Zaanstad verliep positief. Het aanvankelijke plan om in Zaandam te starten en in Amsterdam te finishen liet men varen door de zaak om te draaien. Door de menigte in de hoofdstad ‘weg te schieten’ op korte afstand van de IJtunnel kon men de stremming van deze belangrijke verkeersader zo kort mogelijk houden. De gemeente Amsterdam ging toch niet overstag. De toenmalige burgemeester W. Polak voorzag verkeersproblemen door de tijdelijke afsluiting van de IJtunnel en de hoofdstedelijke politie -toch al overbezet- zat niet te wachten op een extra drukke zondag. Dus moesten alle plannen voorlopig de ijskast in. Bij Le Champion bleef men echter vasthouden aan het idee. In 1982 reageerden B. en W. van Amsterdam opnieuw afwijzend. Omdat Le Champion bleef aandringen, ging de hoofdstad de zaak toch eens diepgaander onderzoeken.

De afdeling Amsterdam van de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie was niet direct voorstander van de loop en toen dreigde het even definitief mis te gaan. Maar in 1985 keerde het tij en kon eindelijk symbolisch de vlag uit bij Le Champion: Amsterdam verleende voor één keer toestemming om de loop te houden. Le Champion besloot toen datzelfde jaar nog de loop op het programma te zetten. Om alles nog voor 3 november te regelen werd er meteen een werkgroep ingesteld. Besloten werd aan de loop geen wedstrijd te verbinden. Het zou een echte prestatieloop worden. Ondanks het wedstrijdelement, dat daarna zou worden ingevoerd, is het leveren van de prestatie nog steeds het hoofddoel van de 55.000 lopers, die voor de ogen van meer dan 250.000 mensen in actie komen.

Maar zo ver was het toen nog niet. Het was voor Le Champion zowel een noodzaak als een erezaak om de organisatie vlekkeloos te laten verlopen. Een erezaak vanwege de reputatie van de vereniging op organisatorisch gebied, een noodzaak vanwege de wens het evenement een blijvende plaats op de atletiekkalender te geven. Nu, de eerste Dam tot Damloop verliep vrijwel geheel naar wens. De ‘gevreesde’ passage van de IJtunnel leverde geen enkel probleem op en was zowel voor deelnemers als voor toeschouwers een fascinerend gebeuren. Alleen bij de finish in Zaandam liep de zaak door de grote toeloop een beetje vast, maar dat veranderde niets aan de sfeer: die was grandioos.

Het kostte daarna niet veel moeite meer om elk jaar de vereiste toestemmingen te krijgen. Door het iets verleggen van start en finish -de afstand moest natuurlijk exact 16,1 km (ofwel 10 Engelse Mijl) blijven- kwamen er meer mogelijkheden voor een goede opvang van de atleten bij binnenkomst. Door samenwerking te zoeken met de atletiekverenigingen Atos (Amsterdam-Noord) en Zaanland (Zaandam) was Le Champion in staat van de loop een door de Atletiekunie erkende wedstrijd te maken.

Internationale bekendheid
Bovendien werd het een wedstrijd, die internationale bekendheid verkreeg door een altijd sterk deelnemersveld. Vanaf het tweede jaar in 1986 was het streven enige wereldtoppers aan de start te krijgen en met namen als Mamede, Rousseau en Kristiansen lukte dat al direct. De lijst van winnaars bevat inmiddels indrukwekkende namen, aangetrokken dankzij de steun van een aantal sponsors. Bovendien zijn de organisatoren er in geslaagd de loop steeds grotere bekendheid te geven door het invoeren van innovaties. In 1988, bij de vierde uitgave, kwam men met de businessloop voor bedrijventeams. Dat was een voltreffer: er schreven 56 teams in. Ook dit aantal zou daarna alleen maar stijgen tot in 2009 bij de 25e jubileumeditie het record aantal van 3.961 businessteams aan de start verscheen!

Introductie Mini Dam tot Damlopen
Om het publiek bij de finish in Zaandam leuk bezig te houden en de jeugd ook een kans te geven in actie te komen, introduceerde Le Champion in het tweede Dam tot Dam jaar minilopen over 2,2 en 3,2 km. Ook hier meteen enige duizenden deelnemertjes, hartstochtelijk aangemoedigd door vaders, moeders, opa’s en oma’s. De Dam tot Damloop werd steeds meer een familiegebeuren.

In 1991 kon men het aantal Dam tot Damlopers in vijf cijfers schrijven: 11.100. Het publiek werd ook nauwer bij de loop betrokken door aan vele opgehangen en omhooggehouden spandoeken een wedstrijd te verbinden. Ook kwam er een fotowedstrijd en de mensen langs de route (ook scholen en verenigingen) werd gevraagd delen van het parcours fraai te versieren.

25 jaar Dam tot Damloop
De Dam tot Dam Businessloop bereikte in 2009 tijdens het 25-jarig jubileum het absolute hoogtepunt met 3.961 teams, waarmee de Businessloop de grootste ter wereld is in haar soort. Wat betreft het aantal deelnemers werd in dezelfde editie, dankzij de eenmalige uitbreiding van het programma met de Dam tot Dam by night op zaterdagavond, het gigantische aantal deelnemers van 60.000 geteld. De Dam tot Damloop was hiermee niet alleen veruit het grootste loopevenement van Nederland, maar behoorde ook wereldwijd tot de grotere loopevenementen. Aantallen waarvan Cees Lansbergen in 1981 zelfs niet eens durfde te dromen.

Volksfeest
De Dam tot Damloop is door dat alles uitgegroeid tot een volksfeest. De bloemenverkopers doen op de dag goede zaken, want wie de loop volbrengt -en dat geldt ook voor de minilopers- heeft ‘recht’ op bloemen. Er is tenslotte wel een prestatie geleverd! De meeste toeschouwers komen overigens niet voor de wedstrijd, maar om bekenden aan te moedigen en te genieten van de unieke Dam tot Dam sfeer. Toch blijft de wedstrijdloop een wezenlijk onderdeel van het evenement. Een aantal sponsors maakt het mogelijk topatleten aan te trekken en dat levert altijd weer een televisiereportage op.